Leidinggeven aan onderwijs
21 feb 2016



“Een weergave van mijn afscheidsrede als onderwijsdirecteur van de Faculteit der Exacte Wetenschappen, gehouden op 4 feb 2016

Johan Vermeer; feb 2016.”

Bekijk de opname van de afscheidsrede | Bekijk de presentatie

Inleiding

Leidinggeven aan onderwijs!? In het huidige onderwijs is de positie van een onderwijsmanager niet altijd te benijden, laat staan die van bestuurder in het onderwijs. In deze rede wil ik pleiten voor het wel sturen en leiden van onderwijs, maar op de juiste manier. Om succesvol leiding te kunnen geven aan onderwijs zijn er drie voorwaarden waaraan voldaan moet worden: – weten aan wie of aan wat je leiding geeft, – weten hoe “leren” werkt, en – weten hoe onderwijs beter wordt. Deze drie punten worden nu verder uitgediept.

Voor mij is het een zeer belangrijk inzicht dat ik als onderwijsdirecteur vrijgesteld ben van het geven van onderwijs en dat dat alleen maar kan doordat andere docenten bereid zijn dat onderwijs wel te geven. Terwijl ik vergader over onderwijs financiën, beleid, visie en missie, kpi’s en nog veel meer, verzorgen zij het primaire proces! Geregeld vraag ik me af of deze inspanning van mij wel leidt tot iets; draagt het daadwerkelijk bij aan verbetering van onderwijs?

Weten hoe leren werkt

In mijn eigen carrière in het onderwijs heb ik twee zeer belangrijke inzichten opgedaan. Ik heb 14 jaar lesgegeven en ik was in die tijd leraar Wiskunde in het voortgezet onderwijs. Het werd mij in die tijd steeds duidelijker dat veel leerlingen problemen hadden met wiskunde, niet omdat ze geen “wiskundeknobbel” hadden, maar omdat het hen ontbrak aan zelfvertrouwen en doorzettingsvermogen. Vaak werd dit ook aangepraat en/of versterkt door de omgeving en door de leraar zelf. Mijn eindconclusie is: iedereen kan wiskunde! Ik weet dat dit omstreden is maar toch is het na al die jaren lesgeven en nog steeds bijles geven in vastgelopen situaties mijn stellige overtuiging. Daarna heb ik in het vervolg van mijn loopbaan aan de VU zeven jaar leiding gegeven aan studentendecanen, -psychologen en studieloopbaanadviseurs. Daar leerde ik de andere kant van de medaille kennen: soms zit studenten te veel tegen, zodat leren tijdelijk niet tot de mogelijkheden behoort.

De laatste jaren verschijnt er veel literatuur over “leren”. Ik ben zelf het meest geïnspireerd door het werk en de boeken van John Hattie: Visible Learning. Of: Leren zichtbaar maken. In mijn ogen is dit de ideale mix tussen wetenschappelijk verantwoord en evidence-based werken enerzijds en anderzijds een pragmatisch model aanreiken aan docenten zodat zij zich kunnen verbeteren. Afgelopen november sprak John Hattie in Nederland in de RAI Amsterdam en presenteerde hij zijn model over leren. Hij spreekt over Will, Skill en Thrill als input. Het leerproces daarna is in drie fases te verdelen: oppervlakte leren (verkennen, ontdekken), diep leren (eigen maken, verwerken) en toepassen van het geleerde in andere situaties. En dit alles levert weer Will, Skill en Thrill op om het volgende te gaan leren. Hattie betoogde dat er niet een winnende leerstrategie is voor studenten, maar dat afhankelijk van de fase van het leren verschillende strategieën het meest effectief zijn. Een onderwijsorganisatie zou dus nooit een strategie moeten omarmen, maar juist docenten stimuleren leerstrategien aan te reiken aan hun studenten naar gelang de fase van het leerproces.

Onderwijs verbeteren

Ik ben van 2009 tot 2016 onderwijsdirecteur geweest aan de faculteit. In deze jaren is er sprake geweest van een constante stroom van onderwijsvernieuwingen vanuit de overheid en vanuit de VU. Steeds meer ben ik me gaan afvragen of al dit beleid het onderwijs daadwerkelijk verbetert. In het jaar 2013/2014 mocht ik deelnemen aan de eerste leergang Onderwijskundig Leiderschap die speciaal voor de VU gegeven werd. Deze leergang heeft de inzichten die ik in de praktijk heb opgebouwd aangescherpt en voorzien van een wetenschappelijke basis. In die tijd las ik het McKinsey rapport: Het Nederlandse Onderwijs; beter dan we denken, maar niet zo goed als we willen. Voor mij is dat de spijker op de kop. Ons onderwijs is goed; jongen mensen krijgen enorme kansen zich te ontwikkelen en op de toekomst voor te bereiden. Toch is er altijd die enorme druk om het onderwijs nog beter te maken, om welke reden dan ook. Het McKinsey rapport betoogt dat om van “goed” naar “excellent” onderwijs te gaan, de focus geheel gericht moet zijn op de docent als professional. Ook Hattie pleit voor een dergelijke aanpak in zijn `What works best in education; the politics of collaborative expertise” (2015). Docenten worden beter in hun vak als zij samenwerken en in situaties komen waarin zij van elkaar kunnen leren. Docenten worden in de regel niet beter in hun vak als er over hen en hun werk vergaderd wordt.

Advies

Dit alles overwegend kom ik tot de conclusie dat er, ook voor de VU, maar twee manieren zijn het huidige onderwijs verder te brengen: docenten de kans geven zich verder te professionaliseren, en studenten de kans te geven meer betrokken te raken op het onderwijs. Dit is consistent aan het leermodel van Hattie: docenten kunnen zich verbeteren in hun lesmethoden en daarmee het leren stimuleren; studenten worden meer betrokken als Will en Thrill toenemen. De laatste jaren is er veel gestuurd op maatregelen rond regelgeving. Daarmee werd gestuurd op extrinsieke motivatie van studenten. Enige jaren geleden sprak Maarten Vansteenkiste op het VUMC over “Moetivatie”. Sturen op extrinsieke motivatie leidt lang niet altijd tot een positief effect; dat gebeurt alleen als de staf de invoering van strengere regels echt ondersteunt en studenten zelf van mening zijn dat deze regels goed voor hen zijn.

Veel beter is het te sturen op intrinsieke motivatie van studenten. Kwaliteit van onderwijs bevordert de intrinsieke motivatie van studenten. Daarnaast zijn er ook andere middelen om de betrokkenheid van studenten te vergroten. Ik hoop dat de VU de komende jaren de juiste weg weet te vinden naar betrokken studenten en docenten.

Gebruikte Literatuur (in rede en/of in deze tekst)

  • 2007, Leidinggeven aan professionals; niet doen, Mathieu Weggeman, Scriptum
  • 2007, Ruggengraat van ongelijkheid; Jaap Dronkers, Mets & Schilt
  • 2009, Moetivatie of Motivatie, Maarten Vansteenkiste, diverse presentaties (o.a. VUmc), internet
  • 2010, Het Nederlandse onderwijs: beter dan we denken, maar niet zo goed als we willen, McKinsey & Company, McKinsey
  • 2010, Fires in the mind, Kathleen Cushman, Jossey-Bass
  • 2011, Ellis en het verbreinen, Jelle Jolles, Neuropsych Publishers
  • 2012, Het Rijnland praktijkboekje; hoe maak je een Rijnlandse organisatie, Weggeman & Peters, Business Contact
  • 2013, Jongens zijn slimmer dan meisjes; en andere mythen over leren en onderwijs, de Bruyckere & Hulshof, Lannoo
  • 2013, Visible learning and the science of how we learn, Hattie & Yates, Routledge
  • 2014, Mor=tivation in Education, Schunk, Meece & Pintrich, Pearson
  • 2015, The politics of distraction, John Hattie, Pearson
  • 2015, The politics of collaborative expertise, John Hattie, Pearson
  • 2015, Kwaliteit in het Hoger Onderwijs, Onderwijsraad, Onderwijsraad

Geef een reactie

Geef een reactie


Contact

knowvu@vu.nl